IJkpunt 14.1 Gebruik de duidelijkste en eenvoudigste taal die zich leent voor de content van een site
Referentie: Dit ijkpunt overschrijdt conformiteit met WCAG 1.0. Er bestaat geen overeenkomend WCAG 1.0 ijkpunt.
Beschrijving
Het taalgebruik op een webpagina dient zo eenvoudig mogelijk gehouden te worden zodat de inhoud te begrijpen is voor een zo breed mogelijk publiek. Het gebruik van eenvoudige en begrijpelijke taal bevordert een effectieve communicatie. De beoogde doelgroep moet de content kunnen begrijpen.
In gevallen waar complexe onderwerpen worden besproken die niet eenvoudig kunnen (of mogen) worden beschreven is het toch mogelijk om deze artikelen te voorzien van goede heldere inleidingen. Dit kan aangevuld worden met een korte samenvatting, waardoor er een gelaagde structuur ontstaat.
Als er veel moeilijke woorden worden gebruikt is het verstandig om een verklarende woordenlijst op te nemen, waar die moeilijke woorden worden uitgelegd.
Relevante Webrichtlijnen: R-pd.22.1.
Voordelen
- Alle gebruikers en in het bijzonder gebruikers met een cognitieve handicap, gebruikers met leermoeilijkheden en gebruikers met leesmoeilijkheden profiteren van duidelijk en eenvoudig taalgebruik;
- Eenvoudig taalgebruik heeft ook voordelen voor mensen waarvan de natuurlijke taal anders is als de gebruikte taal, inclusief mensen die voornamelijk communiceren via gebarentaal.
Criteria voor toetsing
De content is beoordeeld, waarbij de volgende strategieën voor evaluatie van de complexiteit van de content in aanmerking zijn genomen en op de juiste manier voor het beoogde publiek zijn toegepast:
- Op de pagina’s wordt vocabulaire gebruikt dat zeer veel wordt gebruikt door leden van het beoogde publiek
- De lengte en complexiteit van zinnen zijn consistent met aanbevolen procedures voor het beoogde publiek, zoals deze voorkomen in huidige tekstboeken over het schrijven voor deze groep of discipline.
- In het document worden pagina-ontwerp, afbeeldingen, kleuren, fonts, animaties, video of audio gebruikt om complexe tekst indien nodig te verduidelijken.
Oplossingen
Veel regels die standaard van toepassing zijn op het schrijven voor internet, gelden des te meer voor pagina's voor mensen met een verstandelijke handicap of voor mensen waarvan het Nederlands niet de eerste taal is (zoals bij doven waarbij gebarentaal de eerste taal is).
Regels voor het schrijven van internetteksten zijn onder andere:
- Voorkom lange zinnen en lange tekstblokken (drie of vier regels A4 voor een tekstblok is al lang). Probeer helder, eenvoudig, kort en bondig de essentie te formuleren;
- Maak een duidelijke structuur, waarbij slechts één idee per paragraaf wordt beschreven;
- Voorzie paragrafen van duidelijke titels;
- Gebruik een omgekeerde piramidestructuur, waarbij een korte en heldere inleiding en samenvatting voorafgaan aan de meer gedetailleerde en complexe inhoud;
- Voorkom het gebruik van andere talen (stakeholders, tickets, counter);
- Voorkom gebruik van (vak)jargon en geef anders heldere uitleg;
- Voorkom het gebruik van moeilijke woorden als het eenvoudig kan? (lange woorden vallen daar ook onder);
- Voorkom veelvuldig gebruik van afkortingen;
- Voorkom veel verschillen in grafische opmaak van letters op een pagina bijvoorbeeld met verschillende letterkleuren, wisselende achtergrondkleuren of lettertypen;
- Ongeveer de helft van het aantal woorden dat voor een gedrukt artikel gebruikt zou worden, kan gebruikt worden op internet;
- Webpagina's worden niet zozeer gelezen maar gescand. Dit scannen houdt in dat hier en daar wat woorden en zinnen worden opgepikt die van belang zijn. De hier genoemde punten bevorderen de mogelijkheden voor het scannen.
Meer informatie over mensen met dyslexie is te vinden op de website van Stichting Balans en op de website van Dedicon. Dedicon maakt ook gesproken boeken voor mensen met dyslexie in het Daisy formaat.
Definities
Niet-tekstuele content
- Omvat afbeeldingen, tekst in rasterafbeeldingen, image map regions, animaties (bijvoorbeeld geanimeerde GIF's), applets en programmatische objecten, ASCII-art, scripts, afbeeldingen die gebruikt worden als opsommingstekens, opvultekens, grafische knoppen, geluiden (afgespeeld met of zonder gebruikersinteractie), zelfstandige audiobestanden, audiotracks van video en video.
Verwijzingen
- R-pd.22.1 Gebruik taal die de bezoeker begrijpt: beperk het gebruik van jargon, moeilijke termen en afkortingen.
- R-pd.2.9 Bouw een website volgens de Web Content Accessibility Guidelines (WCAG 1.0) van het W3C.